Naar het klooster Moni Preveli

Vandaag ga ik met Rock naar de vroege ochtend dienst in het klooster Moni Preveli. Het klooster is gebouwd boven op de berg en heeft een schitterend uitzicht over de Libische zee en de omgeving.
Blog 5 januari 2020

De wekker gaat af om 7 uur. Het is donker in de slaapkamer. Ik stap snel uit bed en als ik het gordijn opzij schuif zie ik een prachtige blauwe lucht.

Snel aankleden, koffie zetten en een boterham smeren. Als ik aan de eettafel zit hoor ik de kerkklokken van Mariou. Buren schuifelen voorbij mijn raam op weg naar de dienst. Na mijn ontbijt pak ik mijn tas en autosleutels en rijd naar Gianiou. Rock staat al voor zijn huisje te wachten. ‘Heb je de villa op slot gedaan’ roep ik vanuit de auto. Hij lacht, jazeker! Zijn deur sluit met een touwtje om een spijker in de deurpost.

Een nieuwe weg naar het klooster

‘We gaan via de nieuwe weg’ zegt Rock en wijst naar boven. Ik manoeuvreer de auto door de smalle straatjes van Gianiou en begroet iedereen met een vrolijk Καλημερα. Net buiten het dorp begint de nieuwe weg, een lang lint van zwart asfalt slingert over de heuvels naar het klooster. Het uitzicht vanaf de weg is adembenemend. Voor de ingang van het klooster staan zo’n 10 auto’s en pick-ups geparkeerd.

Het adembenemende uitzicht over Preveli Hills

Het is stil en verlaten in het klooster maar eenmaal dichter bij het kerkje horen we de pappa’s de gebeden opzeggen. Zachos (de hond van Rock) blijft buiten als we het kleine kerkje binnenstappen. Het is koud en donker. We steken een kaarsje aan en gaan naast elkaar achterin de kerk staan. Ik kijk nieuwsgierig rond en herken de meeste aanwezigen van gezicht en zij mij ook. Ik krijg een knikje als groet.

Moni Preveli

Even roken

Tijdens de dienst lopen de mannen in en uit. Even roken, zegt Rock en gaat ook naar buiten. Ik blijf staan en kijk naar de drie mannen die bij de gebedenboeken. Een ervan is een monnik, de andere twee zijn voorgangers. Ze lezen de gebeden en zingen. Hoewel, als ik goed kijk zie ik dat twee dit doen en de derde persoon ineengedoken achter een groot boek zit te slapen.

Achter het gordijn

De priester is achter de iconastase (de altaarruimte, afgeschermd met een gordijn) bezig met allerlei rituelen. Af en toe komt hij naar ‘buiten’ en zegt dan iets op, draait zich weer om en verdwijnt achter het gordijn. De bezoekers staan op, gaan zitten en slaan kruisjes. Fascinerend vind ik het al die rituelen, ik begrijp helaas niet alles wat er gezegd wordt.

Dan komt er een gezin met twee jongetjes binnen. De twee verdwijnen achter het gordijn en komen terug in een gewaad met een grote kaars in hun handen. Vooral de kleinste van de twee kijkt er heel plechtig bij. De ouders zijn duidelijk trots.

Rituelen en gebeden

De priester komt weer tevoorschijn en gaat in het midden van het kerkje staan met aan elke kant een jongen. De kaarsen zetten ze in een standaard. De priester zegt gebeden op en zwaait met een bosje basilicum. De oudste van de twee jongens leest iets voor. Als hij klaar is kijkt hij naar zijn ouders met grote ogen. Zijn vader steekt zijn duim op, de jongen straalt en loopt met een grote grijns op zijn gezicht naar het gordijn en verdwijnt.

Na een tijdje verschijnt de priester weer en de jongens lopen als kuikens achter hem aan en gaan naast hem staan. Hij zegt iets waarop de kerkbezoekers naar voren lopen, de priester spreekt hen iets toe. Dan krijgen ze van de jongens een beker met basilicumwater en een stuk brood. Ik loop het kerkje uit de zon in. Even later komt Rock naar buiten met een bekertje water en een stuk brood.

Tijd voor koffie

In het gebouw tegenover de kerk gaat iedereen naar binnen voor koffie en cake. Ik zit op het bankje voor het gebouw. Rock geeft mij het water en haalt voor ons een kop koffie. Hij begroet een paar bezoekers, nieuwsgierig kijken ze naar mij.

Het plein van het klooster

Ik kijk om me heen en zie een oude bekende staan, Nikos. Ik zag hem al in de kerk en was verrast hem hier te zien. Ik loop naar hem toe en vraag of hij nog aan de rivier woont en hoe het gaat. ‘Heel goed Penelopi, ik woon nu hier in het klooster’. Verbaast kijk ik hem aan. ‘Hier, echt?’ ‘Ja, daar is mijn kamer. Ik studeer, maak muziek en woon met de pappa’s. We wonen hier met zijn drieën en heel veel dieren’ wijzend naar de dierenschare beneden. ‘Wauw’, want meer weet ik eigenlijk niet te zeggen. Toch verbaast het mij niet. Nikos was erg zoekende en dit geeft hem houvast en de rust die hij in zijn hoofd en hart zo nodig heeft.

We nemen afscheid en ik ga bij Rock op het bankje zitten. Na de koffie lopen we met Zachos naar de auto. Het is nog geen 10 uur. ‘Zullen we naar Stella gaan’ vraag ik Rock. ‘Goed idee’ zegt hij. In Lefkogia zijn we de eerste bezoekers van het kafenion. We proosten met raki om de dag te vieren. Stella zet allerlei hapjes op tafel, de dag kon niet beter beginnen.

Rock en ik proosten op de mooie dag